Helm
Om de zichtbaarheid te vergroten en de eenheid van motor en berijder de benadrukken wordt de motorhelm ook gemarkeerd. De helm wordt beplakt met drie roodoranje fluorescerende driehoeken en drie retroreflecterende blauwe driehoeken, allen onder een hoek van 40 graden ten opzichte van de horizon aangesneden. Op de onderrand van de helm worden 7 witte retroreflecterende stippen geplaatst (zie tekening).
Motoren
De witte kuip van de politiemotor wordt met dezelfde diagonale striping beplakt als de surveillanceauto´s: diagonale strepen van 118 mm breed in twee kleuren. De striping op de achterkant bestaat uit dezelfde omgekeerde V-vorm als op de voorkant en start meteen achter het zadel.
De kleurstelling van de linker- en rechterkant van de motor is aan elkaar tegengesteld. Ook hier staan de strepen onder een hoek van 40 graden met de horizon. De stippen die de contour van de motor markeren, zorgen voor een optimale zichtbaarheid ´s nachts.
Het politielogo met bijbehorende logozone komt drie keer voor: voor op de ruit van de kuip en links en rechts achter op de koffers.
Om de zichtbaarheid van de motoren zowel overdag als ´s nachts te waarborgen wordt op de achterkant van de koffer links (gezien vanuit de bestuurder) twee maal een fluorescerende roodoranje trapeziumvorm aangebracht. Op de rechterkoffer zijn de trapeziumvormige strips retroreflecterend blauw. De trapeziumvormige strips worden gemaakt uit rechthoeken van 45 x 260 mm die op de korte kanten onder en boven worden aangesneden. De aansnedes maken een hoek van 40 graden met de horizon (zie tekening).